REVIEW: Veters en fietsschoenen. Een geniale combinatie?

Gaan veters en fietsschoenen samen? Ik vroeg het me al heel lang af. Al een aantal jaren zag ik de Giro Empire online verschijnen. Prachtige schoenen die in verschillende kleuren beschikbaar zijn. Het prijskaartje hield me niet zozeer tegen. Ik dacht vooral dat veters en een draaiende ketting voor problemen zouden zorgen. Onderweg je fietsschoenen vaster aandraaien, kan ook niet. Ik weeg de voor- en nadelen af. 

Eerst en vooral: het gewicht is fenomenaal. Daarvoor reed ik met Sidi Ergo 2 en 3 Carbon. Schoenen die me prima pasten, mits ik een stukje inlegzool wegknipte. Deze topschoenen hadden een behoorlijk prijskaartje. Meer dan 300 EUR was ik telkens kwijt om met deze professionele Italiaanse fietsschoen te kunnen rondrijden. Ze zitten nog steeds geweldig. Als ik de paren schoenen vastneem, merk ik het gewichtsverschil meteen. Tweehonderd gram minder is merkbaar, vooral tijdens de beklimmingen.

Pantoffeltjes

Dan: het comfort in de Giro Empire is heerlijk. Ze zitten als pantoffels. Veters hebben de eigenschap dat je ze overal strakker kan aantrekken en losser laten, waar je maar wil. De meeste fietsschoenen werken met een draaiknop, velcro of kliksysteem. Hierdoor kan je op drie punten jouw schoen vaster of losser zetten. Bij veters kan dat in principe op meerdere plaatsen en gelijkmatiger.

Het comfort van een pantoffel en het gewicht van twee keer niets, gecombineerd met het meest klassieke design ter wereld, maakt dat ik twee keer knipper om ernaar te kijken. Zo mooi zijn ze. Iedere keer opnieuw: ik trek ze aan en glunder. Veters, lakleer en geen opzichtige decals of schreeuwerige kleurencombinaties: het is lust voor het oog. Weinig fietsschoenen voldoen aan al deze categorieën. Ik betrap mezelf erop dat ik ’s winters geen overschoenen wil aantrekken, om er toch maar naar te kunnen kijken.

Wit?

Ik kocht ze in het wit. Na een halfjaar zijn de gebruikssporen nog steeds beperkt. Hoe licht het materiaal ook is, het is robuust genoeg om tegen een stootje te kunnen. Vuil veeg je er met een doekje af. Enkel de schoentip, die soms mijn voorwiel raakt, heeft een aantal bandensporen. Ook de witte veters zijn na een half jaar vies. Je krijgt standaard zwarte vervangers, om ze opnieuw te finetunen. Online heb je ze zelfs in alle kleuren: fuchsia, geel, oranje, blauw, gifgroen, zwart en wit.

Onderweg jouw veters moeten bijstellen, is enkel tijdens de eerste twee drie ritten van toepassing. Bij vertrek denk je dat je ze vast genoeg hebt getrokken. Na een aantal kilometer merk je meteen dat ze toch wat strakker mogen. Jouw voet past zich aan. De schoen zet zich beter. Al heel snel merk je zelf, hoe vast ze moeten zitten. De veters zijn ook van zo’n kwaliteit, dat ze amper verslijten en er weinig rek op zit. Stevig eraan sleuren kan.

Sluiting?

Tenslotte: veters die in jouw ketting kunnen verzeilen. Bij iedere draaibeweging kan een lus in je tandwielen geraken. Giro heeft er een heel gemakkelijke oplossing voor gevonden. Een klein elastieken lusje houdt iedere veterlus bij elkaar. Je trekt ze er voor vertrek gewoon onder. Na een rit van 200 kilometer zitten ze nog steeds op dezelfde plaats. Geen gevaar om in de problemen te komen.

Het enige minpunt aan de schoen is de prijs. Tussen de 200 en 300 EUR is prijzig voor veel renners. Eerlijk, andere schoenen van het topsegment hebben een even hoge prijs. Alleen al de gewichtsbesparing is een enorme toevoeging. Om bij je fiets 200 gram te besparen, leg je veel meer euro’s neer. Bovendien vestigde Bradley Wiggins het werelduurrecord met deze briljante schoenen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s